Elke dag een reis naar 't paradijs

Toen ik nog leefde in 't paradijs
Was mijn wereld een mooie droom
Ik was nog vrolijk
Nog niet verloren,
Mijn kinderjaren waren nog voor mij
Niet voor een ramp
Niet voor een cel in de woestijn
In mijn zestiende voorjaar was
Mijn hart, mijn liefde, mijn paradijs,
Nog niet gemarteld door een tiran met Cyanide
Toen werd ik wakker
Alle kleuren werden grijs
Vanaf die tijd
Ben ik levend dood
Ik loop als jullie, ik eet als jullie
Maar ik reis steeds naar dat grijze paradijs
Elke ochtend, elke avond
Droom ik nog van vroeger
Al die jaren zijn verloren
Lentes die nooit terug komen
Een glimlach die ik nooit meer zal zien
Verhalen die nooit worden verteld
Liedjes die nooit meer worden gehoord
Na die ramp
Ik heb geen moed
Voor een glimlach
Voor een liedje
Voor een verhaal
Voor de liefde
Er bestaat geen taal
Voor mijn verhaal
Mijn tranen zijn gestolen
Door de diepe lange pijn
Door de opgedroogde ogen
Ik droom steeds van die dagen
Mijn leven is alleen nog maar een klacht
Mijn hart was vol van kleuren
En rijk met het lente gebeuren
Waar ik rondreed was de regenboog
Waar ik naar keek met een liefdevol oog
Waar ik naartoe liep, heerlijk opgelucht
Nu is alles opgedroogd
Waar kan ik heen met die vreselijke pijnen
Hoe vergeet ik mijn woestijnen
Wie kan er met zo 'n ramp nog leven
De ziel is dood, niet meer in leven
Nauras Sadiq
Nauras Sadiq Aad is een Koerdische kunstenaar.
Hij was getuige van de gifgasaanval van Saddam hussein op halabjah in 1988.
In deze oorlogstijd komt alles weer naar boven.